Startpagina I Het Instituut I Studenten I Projecten I Evenementen I Nieuws I Agenda I English Summary
   
   
   
HUIDIGE STUDENTEN AAN HET HOGER INSTITUUT VOOR GEZINSWETENSCHAPPEN  
   
 

Praktijkverdieping

Studenten gezinswetenschappen brengen heel wat voor het latere arbeidsveld relevante levens- en/of werkervaring mee. De opleiding houdt hier actief rekening mee via de portfolioprocedure.

Permanentie tijdens zomervakantie:
Voor een gesprek maak je best een afspraak, je kan tijdens de permanentie ook telefonisch contact nemen op 02 240 68 40.
- dinsdag 5 juli: Claire Wiewauters (10-16h) (enkel Praktijkverdieping)
- dinsdag 12 juli: Joris Dewispelaere (10-13h)
- woensdag 13 juli: Joris Dewispelaere (10-13h)
- donderdag 18 augustus: Joris Dewispelaere (10-16h)
- dinsdag 23 augustus: Lieve Van der Straeten (10-16h)
Indien tijdens een praktijkverdieping die doorloopt in de zomervakantie (11 juli -15 augustus) een dringend overleg nodig is, dient u in eerste instantie contact op te nemen met de campus.

Zelfreflectie
Voor Praktijkverdieping I maakt u, naast een actualisatie van het instapportfolio, een sterkte-zwakte analyse van de competenties die u reeds bezit met betrekking tot enkele competenties voor de hulpverlening of het vormingswerk. Dat dossier wordt aangevuld met de uitwerking van een schriftelijk aangeboden casus uit het algemene welzijnswerk. In sommige gevallen volgt op deze procedure een interview.

Het resultaat is een goed gevulde map die een genuanceerd inzicht geeft in wat reeds verworven is aan kennis en vaardigheden. Deze procedure betekent voor de studenten meteen ook een sterke stimulans tot zelfreflectie, vooral over de vraag hoe hun al verworven levens- en werkervaring kan bijdragen tot een (nieuwe) verbinding met het werkveld.

Aangepaste praktijkverdieping
Op basis van dit dossier blijkt of de student al dan niet voldoende ervaring heeft om het eindwerk tot een goed einde te brengen. Wie over voldoende levens- en/of werkervaring beschikt, krijgt voor Praktijkverdieping II een aangepaste opdracht.

Jaarlijks ziet ongeveer 30 procent van de studenten zich verplicht om 120 uren extra praktijkverdieping op te nemen. We begeleiden studenten bij het zoeken naar een geschikte praktijkverdiepingsplaats die past bij hun specifieke levens- en werkomstandigheden. Ook tijdens de praktijkverdieping is begeleiding voorzien. Het volledige palet van het eerstelijnswelzijnswerk komt in aanmerking: van opvoedingsondersteuning, bijzondere jeugdzorg en gehandicaptenzorg (ambulant of residentieel) over algemeen welzijnswerk (CAW, OCMW, integratie van migranten…), onderwijs (scholen en CLB), politie en juridische diensten tot rust- en ziekenhuizen en initiatieven in de sociaal-culturele sector.

Professioneel reflecteren
Deze praktijkverdieping geeft kans tot een grondige kennismaking met een deelgebied van de welzijnssector. In die setting leert de student om op een professionele wijze te reflecteren over zijn/haar functioneren ten aanzien van hulpvragers of cliënten en ten aanzien van een taakgericht team.

Permanentie:
Tijdens lesdagen kunt u contact opnemen met een van de begeleiders: Joris Dewispelaere, Claire Wiewauters en Lieve Van der Straeten.
>> U vindt de lijst van hun aanwezigheden op Claroline (onder Praktijkverdieping 3de jaar)

Praktijk opdoen kan in vele sectoren
In de periode 2004-2009 deed 22% van de studenten praktijkverdieping in de werkgebieden Onderwijs, CLB en Vorming. Studenten nemen vaak actief taken op van een zorgcoördinator of zorgleerkracht in (al dan niet bijzonder) lager of middelbaar onderwijs. Zowel de zorgtaken ten aanzien van de kinderen of jongeren als gesprekken met ouders worden samen met de begeleider of zelfstandig gevoerd. Studenten worden vaak zeer gewaardeerd omdat ze eigen levenservaring en/of
werkervaring inbrengen.

Jeugdzorg en Gehandicaptenzorg: 20,5% van de studenten deed praktijkverdieping in deze sectoren.
De taken zijn zeer verschillend. Een dienst pleegzorg bijvoorbeeld maakt meestal mogelijk dat een student zowel contact heeft met pleeggezinnen als met de natuurlijke ouders en de opvolging van problemen in beide contexten leert kennen. Enkele studenten liepen mee in trajectbegeleiding van mensen met een aandoening en concentreerden zich in praktijkverdieping (en eindproef) op de overgang naar zo groot mogelijke zelfstandigheid en integratie in de maatschappij. Dit houdt zowel gesprekken met de persoon als met mogelijke werkgevers en naargelang levensomstandigheden met gezins- of familieleden in. De gezinscontext was ook steeds een focus bij het opnemen van praktijkverdieping in een Medisch Pedagogisch Instituut. Ook hier compenseren persoonlijke maturiteit, openheid en leergierigheid meermaals de nog beperkte kennis m.b.t. de doelgroep.

Gezondheidszorg: ziekenhuis, woon- en zorgcentrum, psychiatrische voorzieningen
en revalidatiecentra: 18% van de studenten liepen praktijkverdieping in de sector gezondheidszorg. Studenten die taken opnemen in een ziekenhuis begeleiden bijvoorbeeld ernstig zieke kinderen en hun ouders. Dit kan op een verpleegafdeling of in de ziekenhuisschool. Soms lopen ze mee met een dienst die ten dele ambulant werkt vanuit het ziekenhuis, bijvoorbeeld in het uitbouwen van nazorg van jongeren of bij palliatieve thuiszorg.. Een toenemend aantal studenten loopt mee in diensten van algemene thuiszorg (bijvoorbeeld: Familiehulp, Landelijke thuiszorg), waarbij men zowel gezinsbegeleidingen opvolgt als de aansturing van de verzorgenden door de regiocoördinator. Uitzonderlijk nemen studenten een praktijkverdieping op in een psychiatrisch ziekenhuis. Meestal betreft het ondersteuning van zelfstandig wonen, een enkele keer residentiële zorg waarbij de relatie met gezins- of familieleden een belangrijke plaats krijgt.
In de woon- en zorgcentra worden vele taken opgenomen. Vaak betreft het de ondersteuning van een bejaarde en zijn/haar familieleden in de context van de opname in een woon- en zorgcentrum of wanneer er nood is aan verdere stappen in de zorgverlening, bijvoorbeeld bij een zich verder ontwikkelende dementie. Studenten werken mee aan de ontwikkeling van de kwaliteitszorg met bijzondere aandacht voor de gezinsleden van de betrokkenen. Ze participeren ook in het aanbod vrije tijdsbesteding en met betrekking tot activiteiten of vorming gericht naar de bejaarde en zijn/haar familie.

Trajectbegeleiding, Integratiediensten en Asielcentra, OCMW: 19% van de studenten namen hier praktijkverdieping op.
Trajectbegeleiding betreft zowel werkzoekenden in het algemeen als specifieke doelgroepen: kansarmen, mensen met een aandoening, 50+ers en nieuwkomers.
De taakinvullingen verschillen wat de diensten voor nieuwkomers betreft naargelang de provincie omdat zelfde diensten eerder een direct hulpverlenende of eerder een coördinerende functie ten aanzien van hulpverlening uitbouwden. In de diensten die zelf worden ingeschakeld.
In deze sector is het werken met groepen (vorming en gesprek) vaak zeer belangrijk. Voor studenten is dit soms een extra werk- en leerpunt.
OCMW-praktijkverdiepingen boden de studenten meestal de mogelijkheid om zich snelte leren oriënteren in de vlug veranderende sociale wetgeving. Ook hier werden zelfstandig begeleidingstaken bijvoorbeeld onder de vorm van thuisbezoek opgenomen.

CAW en CKG
10,5% van de studenten liepen praktijkverdieping in een CAW-afdeling, 2,5% in een CKG. Praktijkverdiepingen in CAW betroffen onder andere de onthaaldiensten, een vrouwenvluchthuis, een neutrale bezoekruimte voor kinderen en de werking gericht op mensen in armoede. De taken variëren dan ook van onthaal en oriëntatie tot thuisbegeleiding, crisisopvang, begeleiding aan ouders en kinderen in een vluchthuis, medewerking in projecten van armoedebestrijding, begeleiding van ouders en kinderen in
neutrale bezoekruimtes en opvoedingsondersteuning.
In de CKG-werking worden studenten zowel ingeschakeld in leefgroepwerking als in thuisbegeleiding.
Ook in deze organisaties vallen studenten vaak in de smaak omwille van hun maturiteit op basis van ervaring met partnerrelaties, opvoeden van kinderen en werkervaring in teams.

Andere praktijkverdiepingsplaatsen
Elk jaar trekken enkele studenten naar een dienst preventie of slachtofferbegeleiding van de politie. Eén studente deed de praktijkverdieping in het Kollektief Anticonceptie te Gent, waar ze na een gunstige evaluatie ook werd aangeworven. Een andere student werkte zich in in een dienst voor zorgvakanties voor personen met een aandoening. Enkele studenten deden praktijkverdieping op een gemeentelijke dienst voor Alternatieve Gerechtelijke maatregelen en één studente kon terecht in de begeleidingsdienst van een gevangenis. Enkele studenten deden praktijkverdieping in specifieke thuisbegeleidingsdiensten, bijvoorbeeld voor doven en slechthorenden. Andere konden terecht in een dienst voor sociale tewerkstelling (sociale werkplaats, onderhoudsdiensten die met maatschappelijk kwetsbaren werken, kringloopwinkels).
Twee studenten deden hun praktijkverdieping in een Afrikaans project. Het betrof respectievelijk een onderwijsproject aan moslimkinderen en een project dat besnijdenis tegengaat. Meerdere studenten deden overigens ervaring op met betrekking tot ontwikkelingswerk en dienden geen extra praktijkverdieping meer op te nemen.

>> Lees het volledige verslag van de praktijkverdieping, periode: 2004-2005 tot maart 2008-2009

 

 

 

 

   
   
   
   
   
   
   
Huidige studenten



Toekomstige studenten